Het is zomer. Vorig jaar omstreeks deze tijd ging ik vrij bol door het leven. Ik zat onder de rode bultjes (leuk zwangerschapskwaaltje), werd stapelgek van de jeuk, maar voelde me heel bijzonder. Ze zijn er nu steeds vaker, van die weet-je-nog-vorig-jaar-om-deze-tijd-momenten. Anderzijds merk ik juist dat ik mijn normale leven steeds meer terugkrijg. Ik val af en begin weer op de oude E. te lijken, denk niet meer iedere dag aan de bevalling of aan de zwangerschap en de neiging om wildvreemden ongevraagd ons verhaal te vertellen kan ik ook steeds vaker onderdrukken (hoewel we volgende maand toch echt met z'n drieën in een Fries tijdschrift staan).
Kleine S. is inmiddels nauwelijks nog kleine S. te noemen. Hij groeit, ontwikkelt zich tot een goedlachs mannetje en het is nu al duidelijk te zien dat hij later heel wat harten zal breken. Ik heb een verdraaid knap exemplaar op de wereld gezet!
Dat verdraaid knappe exemplaar bracht de afgelopen weken door in Kroatië. Samen met zijn ouders en broers en zus even een paar weekjes op vakantie. Ik had niet verwacht dat ik hem zo zou missen. Het komt wel vaker voor dat ik hem twee of zelfs drie weken niet zie. Dat vind ik niet leuk, maar zo gaan die dingen soms. Maar nu, nu ik weet dat hij 1500 kilometer bij me vandaan is, voel ik het meer dan anders. Die onzichtbare navelstreng is heel rekbaar, maar de rek is er nu wel even uit. Gelukkig komt hij morgen terug.
Van tevoren had ik geen idee hoe het zou voelen om een kind te baren en het vervolgens niet bij me te hebben. Ik wist niet wat hij precies voor me zou gaan betekenen. Nu weet ik het wel. Kleine S. zit heel diep in mijn hart. Hij is niet mijn kind, maar ook niet gewoon een neefje. Het houdt het midden daartussen. En hoe verder hij bij mij vandaan is, hoe sterker ik dat voel. Het is prima dat hij bij K. en J. is. Zij zijn zijn ouders en ik laat regelmatig een blij traantje als ik zie of lees hoe gelukkig ze met elkaar zijn, maar die vakanties… dat moeten ze maar gewoon niet meer doen. Of ze moeten me meenemen, dat mag natuurlijk altijd.
Morgen ben ik jarig. Ook weer zo'n moment. Vorig jaar dronk ik alcoholvrije bubbels (bocht!) op mijn verjaardag, dit jaar trekken we iets leukers open. Weer een jaar ouder en, na alles wat ik nu heb meegemaakt en over mezelf en de mensen om me heen heb geleerd, zéker wijzer. En vooral, niet aflatend, APETROTS.
maandag 22 juli 2013
zaterdag 27 april 2013
Vanzelfsprekendheid
Vandaag vieren we de verjaardag van K. Afgelopen week werd ze veertig en vandaag vieren we dat met allemaal lieve mensen die zich zo betrokken hebben getoond het afgelopen jaar. Leuk om ze weer te zien. En nu met een niet meer zo kleine S. erbij. Zal dat trotse gevoel bij dit soort gelegenheden ooit minder worden? En bij alle andere mijlpalen? Straks weer moederdag. Die dag was natuurlijk al bijzonder, maar stiekem denk ik er vanaf nu altijd (draag-) voor. En in oktober zijn eerste verjaardag. Ik vermoed zomaar dat K. en ik dan nog wel een traantje laten. Voor de verandering.
Dat ik draagmoeder ben geweest, of eigenlijk ben, want volgens mij is het een keuze voor het leven, heeft mijn beleving van het moederschap veranderd. Ik ben me veel meer bewust van hoe niet vanzelfsprekend het is om moeder te kunnen worden. Als ik in de periode die achter ons ligt iets heb geleerd dan is het dat er zó ontzettend veel mensen zijn bij wie het krijgen van kinderen niet vanzelf of zelfs helemaal niet gaat. Mij zul je nooit meer horen vragen: "En? Wanneer komen er kinderen?". Nu was ik daar al voorzichtig mee, maar na alle verhalen die ik inmiddels heb gehoord van de personen met wie ik heb meegeleefd en nog steeds meeleef verbaas ik me meer en meer over de -vaak onbedoelde- lompheid van mensen. Zo blijken sommige mensen echt te denken dat het iets toevoegt om tegen anderen, bij wie het zwanger worden niet lukt, te zeggen dat ze er gewoon niet zo mee bezig moeten zijn. Gewoon even er niet meer aan denken en FLOEP zwanger. Want zo ging het bij nicht Truus ook. Onwaarschijnlijk veel pijn moeten dat soort "adviezen" doen. Met een dergelijke opmerking impliceer je immers dat het aan de instelling van de ouders ligt dat het niet lukt. Moet je je voorstellen, je gaat al jaren ziekenhuis in en ziekenhuis uit. Je bent bezig met een eindeloos IVF traject dat je geestelijk sloopt, waar je relatie zwaar onder lijdt en dan sleep je jezelf met vereende krachten naar een verjaardag. Een verjaardag waar het wemelt van de kinderen, waardoor je daar zit als een open zenuw. En dan ploft de vriendin van de buurvrouw van de nicht van de jarige naast je op een stoel en zegt dat ze hoorde dat 't niet zo wil vlotten. Maar zij heeft al heel vaak gehoord dat je gewoon even lekker samen op vakantie moet gaan. Even de zinnen verzetten. Neem dat advies nou maar ter harte, want dan ben je zo zwanger. Eerlijk gezegd zou ik een flinke stomp op de neus van de vriendin van de buurvrouw van de nicht van de jarige gerechtvaardigd vinden.
Dat ik K. en J. heb kunnen helpen brengt een heel vreemde, onverwachte emotie met zich mee. Een schuldgevoel tegenover de groep mensen die ik hierboven beschreef. Verstandelijk begrijp ik natuurlijk dat ik niet iedereen kan helpen, maar gevoelsmatig voel ik me een soort van schuldig tegenover iedereen van wie ik weet dat het niet lukt om ouders te worden. Voel ik me schuldig dat ik niet hen óók kan helpen. Maar als ik door het schrijven van dit stukje ook maar één iemand ervan heb kunnen weerhouden om te zeggen: "ontspan maar gewoon, dan word je vanzelf zwanger." dan heb ik misschien toch een klein steentje kunnen bijdragen.
Dat ik draagmoeder ben geweest, of eigenlijk ben, want volgens mij is het een keuze voor het leven, heeft mijn beleving van het moederschap veranderd. Ik ben me veel meer bewust van hoe niet vanzelfsprekend het is om moeder te kunnen worden. Als ik in de periode die achter ons ligt iets heb geleerd dan is het dat er zó ontzettend veel mensen zijn bij wie het krijgen van kinderen niet vanzelf of zelfs helemaal niet gaat. Mij zul je nooit meer horen vragen: "En? Wanneer komen er kinderen?". Nu was ik daar al voorzichtig mee, maar na alle verhalen die ik inmiddels heb gehoord van de personen met wie ik heb meegeleefd en nog steeds meeleef verbaas ik me meer en meer over de -vaak onbedoelde- lompheid van mensen. Zo blijken sommige mensen echt te denken dat het iets toevoegt om tegen anderen, bij wie het zwanger worden niet lukt, te zeggen dat ze er gewoon niet zo mee bezig moeten zijn. Gewoon even er niet meer aan denken en FLOEP zwanger. Want zo ging het bij nicht Truus ook. Onwaarschijnlijk veel pijn moeten dat soort "adviezen" doen. Met een dergelijke opmerking impliceer je immers dat het aan de instelling van de ouders ligt dat het niet lukt. Moet je je voorstellen, je gaat al jaren ziekenhuis in en ziekenhuis uit. Je bent bezig met een eindeloos IVF traject dat je geestelijk sloopt, waar je relatie zwaar onder lijdt en dan sleep je jezelf met vereende krachten naar een verjaardag. Een verjaardag waar het wemelt van de kinderen, waardoor je daar zit als een open zenuw. En dan ploft de vriendin van de buurvrouw van de nicht van de jarige naast je op een stoel en zegt dat ze hoorde dat 't niet zo wil vlotten. Maar zij heeft al heel vaak gehoord dat je gewoon even lekker samen op vakantie moet gaan. Even de zinnen verzetten. Neem dat advies nou maar ter harte, want dan ben je zo zwanger. Eerlijk gezegd zou ik een flinke stomp op de neus van de vriendin van de buurvrouw van de nicht van de jarige gerechtvaardigd vinden.
Dat ik K. en J. heb kunnen helpen brengt een heel vreemde, onverwachte emotie met zich mee. Een schuldgevoel tegenover de groep mensen die ik hierboven beschreef. Verstandelijk begrijp ik natuurlijk dat ik niet iedereen kan helpen, maar gevoelsmatig voel ik me een soort van schuldig tegenover iedereen van wie ik weet dat het niet lukt om ouders te worden. Voel ik me schuldig dat ik niet hen óók kan helpen. Maar als ik door het schrijven van dit stukje ook maar één iemand ervan heb kunnen weerhouden om te zeggen: "ontspan maar gewoon, dan word je vanzelf zwanger." dan heb ik misschien toch een klein steentje kunnen bijdragen.
donderdag 21 maart 2013
Uit de bubble
Met veel plezier las ik vanavond de blog van E. Onze Drenthe-toer waar zij over schrijft, heeft ook bij mij een heel goed gevoel achtergelaten. Al eerder schreef ik over mijn besef wat met de tijd kwam, dat ook de familie van E onderdeel uitmaakt van het hele proces rond de zwangerschap van E en de komst van S. De ouders van E noem ik liefdevol de bonus opa en oma van S, die heeft hij er maar mooi gratis en voor niets bijgekregen. Ik ben ervan overtuigd dat hij een bijzonder plekje bij hen heeft veroverd en dat voelt erg fijn. Ik grapte dat hij vast een wel een nachtje wil komen logeren en zonder daarover te hoeven nadenken gaven zij aan dat hij welkom is. Ontzettend lief vind ik dat.
S is nu bijna zes maanden, bijna een half jaar alweer. Ons gezin heeft zn draai gevonden, ons leven gaat verder met alles wat daarbij hoort. Een dierbare vriend is ongeneeslijk ziek en gaan we verliezen, vrienden die relatieproblemen kregen, anderen die in de medische molen zijn beland omdat zwanger worden niet lukt.... Maar er zijn ook mijn nieuwe baan waarin ik mijn draai gevonden heb, de zomervakantie met de kinderen die we geboekt hebben, onze reis naar Zuid-Afrika aan het einde van het jaar, feestjes en borrels met J en goeie vrienden waar ik zo van geniet en zo kan ik nog wel even doorgaan. Alles draait gewoon door, de mooie en de minder mooie dingen in het leven.
Natuurlijk is daar niets geks aan, zo gaat dat. Verschil is wel dat ik aan mezelf heb gemerkt dat al die 'zaken des levens' ervoor hebben gezorgd dat ik uit mijn "baby-bubble" ben gehaald en dat is soms best wel jammer. Alhoewel het afgelopen jaar heus uit meer onderwerpen heeft bestaan dan draagmoederschap, de zwangerschap van E en de kleine S, merk ik toch dat het merendeel van mijn energie en aandacht daar naartoe is gegaan. De focus op het onderwerp, de ongebreidelde emoties, het vele nadenken, het soms wikken en wegen, uren van gesprek, de zorgen, de euforie, het ging maar door en leek niet te stoppen. Ik vond het ook heel fijn om er zo in ondergedompeld te zijn. Dat is ook terug te zien in mijn social media contacten, de mailinglistberichten van lotgenoten bij Freya, mijn favoriete websites, boeken en artikelen in mijn bezit die erover gaan. En alhoewel die bubble heel erg fijn was, is er dus toch wat veranderd. Ik lees er minder over, volg minder mensen actief op Twitter of Facebook die zelf in een vorm van een draagmoedertraject zitten en ben weer vaker in beslag genomen door bijvoorbeeld het nieuws of mijn werk.
Maar er is ook wat voor in de plaats gekomen. Een ander soort gevoel waar vanzelfsprekendheid en minder beladenheid uit spreekt. Een ongelooflijk trots gevoel dat ik de moeder van S ben die het heerlijk vindt wanneer iemand opmerkt dat hij er zo goed uitziet of zo vréselijk schattig is. Een ontzettend trots gevoel als ik blij vertel over E, wanneer iemand die niet op de hoogte is van de situatie, informeert naar mijn zwangerschap of vaststelt dat ik toch weer zo snel strak ben in een half jaar tijd. Dat trotse blije gevoel dat we het toch maar mooi gefikst hebben en dat alles zo goed verlopen is. De band tussen ons vieren was er al, maar voelt nu nog zoveel sterker aan.
Toen J en ik in 2007 besloten te proberen zwanger te worden, keek ik erg uit naar het samen beleven van een zwangerschap met J. Ik heb het moeilijk gehad met het feit dat die droom in duigen viel. Inmiddels ben ik die teleurstelling ruimschoots voorbij, zelfs als ik daar heel diep over nadenk of bij stil sta. Ik heb zoveel om gelukkig mee te zijn en dat ben ik dan ook. Ik geniet heel erg om J en S samen te zien en te zien hoe gek J met hem is. Ik geniet ervan hoe gek de andere kinderen op S zijn en goed voor hem zorgen. En ik geniet als ik E zie die zich liefdevol op S stort wanneer ze ons huis binnenstapt en in het voorbijgaan roept "ja sorry hoor, maar eerst je zoon gedag zeggen".
Oh ja, en nog even wat betreft emoties. Nou, daarin ontzwanger ik vast nog steeds lekker mee met E, kán bijna niet anders :-). Misschien is het de afgelopen tijd ietsiepietie minder erg geworden, maar nog steeds schiet ik regelmatig vol of voel ik me ontroerd en geraakt als ik kijk naar S, de foto's van de bevalling bekijk of denk aan hoe ontzettend dankbaar ik E ben. En eerlijk gezegd, het zijn prachtige gevoelens, ik denk dat ik ze maar hou.
S is nu bijna zes maanden, bijna een half jaar alweer. Ons gezin heeft zn draai gevonden, ons leven gaat verder met alles wat daarbij hoort. Een dierbare vriend is ongeneeslijk ziek en gaan we verliezen, vrienden die relatieproblemen kregen, anderen die in de medische molen zijn beland omdat zwanger worden niet lukt.... Maar er zijn ook mijn nieuwe baan waarin ik mijn draai gevonden heb, de zomervakantie met de kinderen die we geboekt hebben, onze reis naar Zuid-Afrika aan het einde van het jaar, feestjes en borrels met J en goeie vrienden waar ik zo van geniet en zo kan ik nog wel even doorgaan. Alles draait gewoon door, de mooie en de minder mooie dingen in het leven.
Natuurlijk is daar niets geks aan, zo gaat dat. Verschil is wel dat ik aan mezelf heb gemerkt dat al die 'zaken des levens' ervoor hebben gezorgd dat ik uit mijn "baby-bubble" ben gehaald en dat is soms best wel jammer. Alhoewel het afgelopen jaar heus uit meer onderwerpen heeft bestaan dan draagmoederschap, de zwangerschap van E en de kleine S, merk ik toch dat het merendeel van mijn energie en aandacht daar naartoe is gegaan. De focus op het onderwerp, de ongebreidelde emoties, het vele nadenken, het soms wikken en wegen, uren van gesprek, de zorgen, de euforie, het ging maar door en leek niet te stoppen. Ik vond het ook heel fijn om er zo in ondergedompeld te zijn. Dat is ook terug te zien in mijn social media contacten, de mailinglistberichten van lotgenoten bij Freya, mijn favoriete websites, boeken en artikelen in mijn bezit die erover gaan. En alhoewel die bubble heel erg fijn was, is er dus toch wat veranderd. Ik lees er minder over, volg minder mensen actief op Twitter of Facebook die zelf in een vorm van een draagmoedertraject zitten en ben weer vaker in beslag genomen door bijvoorbeeld het nieuws of mijn werk.
Maar er is ook wat voor in de plaats gekomen. Een ander soort gevoel waar vanzelfsprekendheid en minder beladenheid uit spreekt. Een ongelooflijk trots gevoel dat ik de moeder van S ben die het heerlijk vindt wanneer iemand opmerkt dat hij er zo goed uitziet of zo vréselijk schattig is. Een ontzettend trots gevoel als ik blij vertel over E, wanneer iemand die niet op de hoogte is van de situatie, informeert naar mijn zwangerschap of vaststelt dat ik toch weer zo snel strak ben in een half jaar tijd. Dat trotse blije gevoel dat we het toch maar mooi gefikst hebben en dat alles zo goed verlopen is. De band tussen ons vieren was er al, maar voelt nu nog zoveel sterker aan.
Toen J en ik in 2007 besloten te proberen zwanger te worden, keek ik erg uit naar het samen beleven van een zwangerschap met J. Ik heb het moeilijk gehad met het feit dat die droom in duigen viel. Inmiddels ben ik die teleurstelling ruimschoots voorbij, zelfs als ik daar heel diep over nadenk of bij stil sta. Ik heb zoveel om gelukkig mee te zijn en dat ben ik dan ook. Ik geniet heel erg om J en S samen te zien en te zien hoe gek J met hem is. Ik geniet ervan hoe gek de andere kinderen op S zijn en goed voor hem zorgen. En ik geniet als ik E zie die zich liefdevol op S stort wanneer ze ons huis binnenstapt en in het voorbijgaan roept "ja sorry hoor, maar eerst je zoon gedag zeggen".
Oh ja, en nog even wat betreft emoties. Nou, daarin ontzwanger ik vast nog steeds lekker mee met E, kán bijna niet anders :-). Misschien is het de afgelopen tijd ietsiepietie minder erg geworden, maar nog steeds schiet ik regelmatig vol of voel ik me ontroerd en geraakt als ik kijk naar S, de foto's van de bevalling bekijk of denk aan hoe ontzettend dankbaar ik E ben. En eerlijk gezegd, het zijn prachtige gevoelens, ik denk dat ik ze maar hou.
Banden
Het mag een wonder heten dat ik de zwangerschap en bevalling zonder kleerscheuren ben doorgekomen, want ik ben werkelijk waar van bordkarton. Brak ik in december nog mijn arm, nu zit ik alweer een paar dagen met mijn been omhoog, door een spierscheuring in mijn kuit. Voor een brokkenpiloot als ik is gewoon van mijn fiets stappen kennelijk te veel gevraagd.
Thuis, op de bank ontkom ik natuurlijk niet aan nadenken over het afgelopen jaar, maar wat me vooral bezighoudt is het NU. Het is alweer bijna een half jaar (!) geleden dat ik beviel van kleine S. Het geweldige mannetje groeit en groeit, "kletst" je de oren van het hoofd en heeft zelfs al kennisgemaakt met zijn eerste hapjes fruit. Het is al echt zo'n eigen persoontje. En het is al zó vanzelfsprekend dat hij er is!
Als ik terugdenk aan de onzekerheid die we gevoeld hebben voor ik zwanger was, maar toch ook het grote vertrouwen dat het uiteindelijk zou gaan lukken. Wat voel ik me dan verschrikkelijk rijk dat ik dit heb kunnen doen.
Twee weken geleden ging ik met K, mijn dochtertje en kleine S. op excursie naar Drenthe. Eerst ging de reis naar Hoogeveen. Daar wonen mijn grootouders. Ze hebben het kraamfeest moeten missen vanwege de gezondheid van mijn oma (overigens een van de meest trouwe lezers van ons blog), dus besloten wij ze op te zoeken. Het was heel mooi om K. en S. aan mijn grootouders voor te stellen. Mijn opa gaf S. de fles, mijn oma had hem nog even op schoot. Prachtig!
Daarna vervolgden we onze reis, naar mijn ouders. We presteerden het, door te veel geouwehoer, om een afslag te missen en 35 kilometer om te rijden, maar we schoven uiteindelijk aan voor de lunch. En ook dit was goud waard. S. in mijn ouderlijk huis, bij mijn vader op schoot, of liggend op het kleed waar ik als klein kind ook veel op speelde. Ik weet niet waarom het me zo raakte (ik mag het geloof ik nog ruim drie maanden op mijn hormonen gooien toch?), maar ook dit zal ik nooit vergeten.
Het draagmoederschap heeft zo veel meer gebracht dan alleen een zoon voor K. en J.. Het heeft familiebanden versterkt, vriendschap verdiept en mensen geïnspireerd en hoop gegeven. Allemaal voor en door de komst van dat kleine, blonde (heeft-ie van mij! ;) ) ventje.
Zul je zien dat hij een oervervelende puber wordt...
Thuis, op de bank ontkom ik natuurlijk niet aan nadenken over het afgelopen jaar, maar wat me vooral bezighoudt is het NU. Het is alweer bijna een half jaar (!) geleden dat ik beviel van kleine S. Het geweldige mannetje groeit en groeit, "kletst" je de oren van het hoofd en heeft zelfs al kennisgemaakt met zijn eerste hapjes fruit. Het is al echt zo'n eigen persoontje. En het is al zó vanzelfsprekend dat hij er is!
Als ik terugdenk aan de onzekerheid die we gevoeld hebben voor ik zwanger was, maar toch ook het grote vertrouwen dat het uiteindelijk zou gaan lukken. Wat voel ik me dan verschrikkelijk rijk dat ik dit heb kunnen doen.
Twee weken geleden ging ik met K, mijn dochtertje en kleine S. op excursie naar Drenthe. Eerst ging de reis naar Hoogeveen. Daar wonen mijn grootouders. Ze hebben het kraamfeest moeten missen vanwege de gezondheid van mijn oma (overigens een van de meest trouwe lezers van ons blog), dus besloten wij ze op te zoeken. Het was heel mooi om K. en S. aan mijn grootouders voor te stellen. Mijn opa gaf S. de fles, mijn oma had hem nog even op schoot. Prachtig!
Daarna vervolgden we onze reis, naar mijn ouders. We presteerden het, door te veel geouwehoer, om een afslag te missen en 35 kilometer om te rijden, maar we schoven uiteindelijk aan voor de lunch. En ook dit was goud waard. S. in mijn ouderlijk huis, bij mijn vader op schoot, of liggend op het kleed waar ik als klein kind ook veel op speelde. Ik weet niet waarom het me zo raakte (ik mag het geloof ik nog ruim drie maanden op mijn hormonen gooien toch?), maar ook dit zal ik nooit vergeten.
Het draagmoederschap heeft zo veel meer gebracht dan alleen een zoon voor K. en J.. Het heeft familiebanden versterkt, vriendschap verdiept en mensen geïnspireerd en hoop gegeven. Allemaal voor en door de komst van dat kleine, blonde (heeft-ie van mij! ;) ) ventje.
Zul je zien dat hij een oervervelende puber wordt...
maandag 18 februari 2013
Ontheffing
Ik vond het een moeilijke dag vandaag.
Vandaag om half vier moesten we ons melden bij de rechtbank, alwaar een rechter zijn licht over onze situatie zou laten schijnen. B. en ik moeten namelijk van het ouderlijk gezag ontheven worden, om K. en J. de voogdij over kleine S. te kunnen laten krijgen. Het klinkt allemaal niet zo ingewikkeld en dat is het ook niet. Niet als je het puur als een formaliteit beschouwt. Maar daar zit het hem nou net in; voor mij is het geen formaliteit. Voor mij is het een gevoelskwestie en het doet pijn.
Het doet pijn dat ik, als toegewijde moeder, straks achter mijn naam heb staan dat ik van het ouderlijk gezag ben ontheven. Dat de zwaarste maatregel die tegen een ouder getroffen kan worden aan mij is opgelegd. Dat ik heb moeten verklaren niet voor mijn neefje te kunnen en willen zorgen. Wat een onzin! Ik kan het best! En mocht het nodig zijn, dan doe ik het ook met alle liefde van de wereld. Ik heb negen maanden voor hem gezorgd, dan zou ik het nu ineens niet meer kunnen en willen?
Helaas voorziet onze wetgeving niet in dit soort situaties. Het is triest dat we ons moeten behelpen met knip- en plakwerk van wet- en regelgeving. Dat dit soort zware maatregelen nodig zijn, om een kindje -uit liefde gedragen en geboren- écht kind van zijn ouders te kunnen laten zijn.
De rechter begreep onze situatie. Hij benoemde dat we met een formaliteit te maken en hebben en heel subtiel liet hij zelfs doorschemeren begrip te hebben voor het ongemak van onze situatie. Binnen vijf minuten stonden we weer buiten. Natuurlijk was dat fijn, Natuurlijk hadden we het slechter kunnen treffen, maar feit blijft dat ik straks een kruisje bij mijn naam heb staan. Terwijl ik een kind heb gedragen uit liefde. Terwijl ik een gezin compleet heb gemaakt. Dat maakt me verdrietig.
Dat K. en J. straks, na een jaar, hun eigen kind moeten gaan adopteren om ook op papier de vader en moeder van S. te zijn. Dat ze op zes maart (uitspraak van de rechtbank) te horen krijgen dat ze de voogdij over hun eigen kind hebben gekregen, terwijl hij al vier maanden zo'n vanzelfsprekend deel van hun gezin is.
Het klopt gewoon niet. Het klopt niet en het moet anders. Bij deze beloof ik dat ik me ervoor in zal blijven zetten dat er iets verandert. Wat wij hebben meegemaakt is iets moois. Dat verdient een betere behandeling dan dit.
Na de zitting gingen we met z'n allen nog even een glas wijn drinken. Ik had S. op schoot en gaf hem de fles. Ik zag K. glimmen van trots en ook J. straalde. Hoe moeilijk vandaag ook voor me was, het zien van dit geluk maakte alles goed. Hier heb ik het voor gedaan en hiervoor heb ik ook dit over. Het is goed.
Vandaag om half vier moesten we ons melden bij de rechtbank, alwaar een rechter zijn licht over onze situatie zou laten schijnen. B. en ik moeten namelijk van het ouderlijk gezag ontheven worden, om K. en J. de voogdij over kleine S. te kunnen laten krijgen. Het klinkt allemaal niet zo ingewikkeld en dat is het ook niet. Niet als je het puur als een formaliteit beschouwt. Maar daar zit het hem nou net in; voor mij is het geen formaliteit. Voor mij is het een gevoelskwestie en het doet pijn.
Het doet pijn dat ik, als toegewijde moeder, straks achter mijn naam heb staan dat ik van het ouderlijk gezag ben ontheven. Dat de zwaarste maatregel die tegen een ouder getroffen kan worden aan mij is opgelegd. Dat ik heb moeten verklaren niet voor mijn neefje te kunnen en willen zorgen. Wat een onzin! Ik kan het best! En mocht het nodig zijn, dan doe ik het ook met alle liefde van de wereld. Ik heb negen maanden voor hem gezorgd, dan zou ik het nu ineens niet meer kunnen en willen?
Helaas voorziet onze wetgeving niet in dit soort situaties. Het is triest dat we ons moeten behelpen met knip- en plakwerk van wet- en regelgeving. Dat dit soort zware maatregelen nodig zijn, om een kindje -uit liefde gedragen en geboren- écht kind van zijn ouders te kunnen laten zijn.
De rechter begreep onze situatie. Hij benoemde dat we met een formaliteit te maken en hebben en heel subtiel liet hij zelfs doorschemeren begrip te hebben voor het ongemak van onze situatie. Binnen vijf minuten stonden we weer buiten. Natuurlijk was dat fijn, Natuurlijk hadden we het slechter kunnen treffen, maar feit blijft dat ik straks een kruisje bij mijn naam heb staan. Terwijl ik een kind heb gedragen uit liefde. Terwijl ik een gezin compleet heb gemaakt. Dat maakt me verdrietig.
Dat K. en J. straks, na een jaar, hun eigen kind moeten gaan adopteren om ook op papier de vader en moeder van S. te zijn. Dat ze op zes maart (uitspraak van de rechtbank) te horen krijgen dat ze de voogdij over hun eigen kind hebben gekregen, terwijl hij al vier maanden zo'n vanzelfsprekend deel van hun gezin is.
Het klopt gewoon niet. Het klopt niet en het moet anders. Bij deze beloof ik dat ik me ervoor in zal blijven zetten dat er iets verandert. Wat wij hebben meegemaakt is iets moois. Dat verdient een betere behandeling dan dit.
Na de zitting gingen we met z'n allen nog even een glas wijn drinken. Ik had S. op schoot en gaf hem de fles. Ik zag K. glimmen van trots en ook J. straalde. Hoe moeilijk vandaag ook voor me was, het zien van dit geluk maakte alles goed. Hier heb ik het voor gedaan en hiervoor heb ik ook dit over. Het is goed.
woensdag 12 december 2012
Life goes on
"Hoe lang gaan we door met onze blog?" E. en ik hebben het er al een paar keer over gehad, maar weten het niet goed. Ik heb bezworen níet uitsluitend te gaan verhalen over de slaapjes, lachjes, vieze luiers en flesjes van de kleine S en de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat juist dat soort onderwerpen het leeuwendeel van zijn dagelijkse beslommeringen beslaan. Zelf kruipen we nog regelmatig in een soort lichtblauwe bubbel en roepen daarbij "oh en ah", maar ik kan me voorstellen dat dat soort berichten snel verveelt.
Het lukt ons verder ook heel aardig het 'gewone' leven, mét baby, maar ook met al die andere zogenaamd belangrijke zaken weer op te pakken. Zowel wij als E en B.
Helaas kamp ik met twee pijnlijke nekhernia's, rechts en links, is E vorige week lelijk in de sneeuw uitgegleden en heeft haar arm daarbij gebroken, maar verder gaat het best heel goed. Gelukkig zijn en/of worden veel dingen ook weer als ze waren vóór het "S-tijdperk". Tenminste, soms dénk ik dat de dingen hetzelfde zijn gebleven en dat wij ook weer de oude zijn. Maar tegelijkertijd, als ik daar over nadenk, merk ik dat dat toch vaak ook nog niet zo is. Neem mijn emoties. Ik blogde er al eerder over. Mensenlief, wat schiet ik nog vaak vol. Gewoon nog steeds. Letterlijk of in gedachten.
Bij mijn "3-minutengesprekjes" met S als ik hem 's morgens uit bed til en op de commode leg en hij mij stralend aankijkt. Regelmatig nog als E en ik bij elkaar zijn en er weer "iets" aan de orde komt over de dag van De Bevalling. Een interview op tv met twee tweelingzussen waarvan de ene draagmoeder voor de ander is geweest. Zo week als nu was ik eerder nooit! Zal ik daar ooit weer van afgroeien? Zal alles wat samenhangt met draagmoederschap en babies ooit anders gaan voelen dan nu? En is het eigenlijk niet heel fijn dat ik dit zo door en door kan voélen, echt diep bij mijn gevoeld zit??
Naast deze kostbare gevoelens worden we ook geconfronteerd met de zakelijke kant die bij dit traject hoort. Voor hoogtechnologisch draagmoederschap bestaat in Nederland geen passende wet- of regelgeving. Het uitgangspunt is dat het draagmoederschap vrijwillig door de draagmoeder wordt aangegaan én dat commerciële motieven verboden zijn. Lees: ze mag er geen geld voor ontvangen, slechts een onkostenvergoeding. Het kind dat biologisch gezien van de wensouders is, is in juridische zin het kind van de draagmoeder. En als zij getrouwd, is haar man automatisch de juridische vader van het kind. Volgt u het nog? "De vrouw uit wie het kind geboren wordt is van rechtswege moeder van het kind", zo luidt de passage uit het Burgelijk wetboek. Zou ten tijde van het schrijven hiervan, de wetgever ooit hebben kunnen vermoeden dat er zoiets mogelijk zou zijn als draagmoederschap?? En dan ook nog hoogtechnologisch.
Afin, uiteraard zijn wij vieren hiermee bekend en weten we ook welke procedure we moeten volgen om straks óók in juridische zin ouders van S. te kunnen worden. Dit betekende vorige week een mevrouw van de Kinderbescherming op bezoek die een dossier opmaakt voor de rechtbank waar J en ik als voogd van S worden aangewezen als hij drie maanden oud is. Hiervoor voerde zij met ons vieren een gesprek waarbij ze nogmaals toetste of alle afspraken nog waren zoals we ze met zn vieren bedacht hadden. En of E nog steeds geen geldbedrag van ons aangenomen had als tegenprestatie voor de baby. Met deze toetsvragen waren we vrij snel klaar. Ze vroeg ons vervolgens om formulieren te tekenen waarmee J en ik de intentie uitspreken voogd te willen worden van S en E en B de intentie uitspreken ontheven te willen worden van het ouderlijk gezag van S. Deze getekende formulieren gaan mee het dossier in, waarover een rechter dus uiteindelijk een uitspraak zal doen. Overigens volgt dan, als S één jaar is, nog het formele adoptiemoment, maar dat is in dit geval een logisch vervolg op deze maatregel.
Als ik het zo opsom komt het misschien wat droog en theoretisch over, maar eigenlijk was het best een confronterend en vervelend moment. Waarom? Omdat, nadenkend over dat ontheffen van E en B van het ouderlijk gezag, zo duidelijk wordt dat onze situatie (en geen enkele htdm situatie) totaal niet past bij deze (verplichte) procedure. Namelijk, die ontheffing is één van de zwaarste maatregelen die de Kinderbescherming kan nemen in geval ouders niet in staat zijn om voor hun kind te zorgen, ze ernstig verwaarlozen of ze zelfs niet eens meer wíllen. En de intentie voor zó'n maatregel moesten E en B dus ondertekenen. Van alle hoepels waar we eerder door heen hebben moeten springen in dit hele traject, viel deze best zwaar. Het gaf met name E zo'n rotgevoel, het druiste zo in tegen juist alle liefde die ze voelt voor S. en voor ons. Natúúrlijk zal zij voor S zorgen als ons iets overkomt, natuurlijk is zij een uitstekende moeder voor haar dochter I. Dat staat allemaal buiten kijf. En toch zijn dit de riemen waarmee in een htdm-traject geroeid moet worden totdat er iets beters voor in de plaats komt. Wat we rationeel uiteraard echt wel snappen. Toen de onderzoekster wegging maakte ze nog een luchtige, grappig bedoelde, maar foute opmerking tegen I. van drie. Die was wat aan het stoeien met E en zei iets in de trant van "dat mag niet stoute mama". In de deuropening, met haar jas al aan besloot ze haar bezoek met "nou meisje, als je ooit problemen hebt met mama, dan weet je me wel te vinden he?!". En liet ons enigszins verbouwereerd achter.
woensdag 21 november 2012
Feest
Zondag was kleine S. alweer zes weken. Het is onvoorstelbaar hoe de tijd vliegt. Zes weken is een mooie leeftijd om je eerste feestje te vieren en dus was daar het kraamfeest. Samen met onze families en goede vrienden vierden we de komst van dit heel bijzondere jongetje. Prachtig om K. en J. zo gelukkig te zien met hun zoon. Ze straalden van trots. En kleine S. (mijn afbakneefje noem ik hem met gepaste trots) heeft nu genoeg speelgoed voor een compleet kinderdagverblijf. Het was een mooi feestje.
Op dat mooie feestje nam J. op een gegeven moment het woord. Hij begon te vertellen hoe bijzonder deze tijd voor ons is geweest en bedankte de mensen die een extra grote rol in het geheel hebben gespeeld, waaronder mijn ouders. Hij benoemde dat ze zich pas tijdens mijn zwangerschap realiseerden wat dit voor mijn ouders betekende. Mijn vader heeft ooit gezegd: "Mijn dochter is zwanger, maar ik krijg geen kleinkind.". Hij heeft het daar best moeilijk mee gehad. Daarnaast maakten mijn ouders zich natuurlijk zorgen om het welbevinden van hun "kleine meid". Gesprekken tussen K. en mijn vader hebben mijn vader destijds gerustgesteld, hij is gewoon óók een soort opa. Zijn rol is er en mag er zijn. Dat hielp, maar het bleef natuurlijk heftig voor ze. Hoe zou ik me houden na de bevalling? Zou de bevalling goed verlopen? Mijn vader, die de speech van J. aan het filmen was, barstte in snikken uit toen J. hun gevoelens benoemde en dus erkende. Tot dat moment had ik het re-de-lijk droog kunnen houden, maar dit was too much. Ik ben mijn vader maar even gaan knuffelen. Toen ik om me heen keek, zag ik in alle hoeken van de zaal de zakdoekjes tevoorschijn komen. Die sniffende, grote brombeer raakte iedereen. Wat mij vooral raakte is dat ik kon zien dat mijn vader en moeder, ondanks de emotionele achtbaan die het ook voor hen geweest moet zijn, apetrots zijn op hun dochter én op hun afbaktochweleenbeetjekleinkindneefje. Leuk detail: mijn snikkende vader bleef gewoon doorfilmen. The show must go on.
Ook ik ontkwam er niet aan. J. richtte het woord tot mij. Ik kan hier niet reproduceren wat hij zei en dat hoeft ook niet. Het waren woorden van liefde en dankbaarheid. Warme woorden. En hij vertelde over hun reis door Afrika. Hoe ze in Afrika een beeld vonden van een vrouw die een baby lijkt weg te geven. Toen ze dit beeld vonden, was ik nog niet zwanger, ze durfden het niet te kopen. Wel hebben ze er destijds een foto van genomen. Nu is het beeld alsnog gekocht en wéken geleden verstuurd vanuit Afrika. Helaas was het nog niet aangekomen. De vorige keer dat er iets vanuit Afrika naar mijn schoonfamilie werd verzonden duurde het zes maanden, geduld is een schone zaak in deze. De aanblik van de foto van het beeld, die ik als alternatief in een mooie lijst kreeg, was al genoeg om weer voor vochtige ogen te zorgen. Dat was ik. Met kleine S. in mijn armen, klaar om hem aan zijn ouders terug te geven. Klaar om zijn ouders hun zoon te geven.
Het was een mooi feestje.
Op dat mooie feestje nam J. op een gegeven moment het woord. Hij begon te vertellen hoe bijzonder deze tijd voor ons is geweest en bedankte de mensen die een extra grote rol in het geheel hebben gespeeld, waaronder mijn ouders. Hij benoemde dat ze zich pas tijdens mijn zwangerschap realiseerden wat dit voor mijn ouders betekende. Mijn vader heeft ooit gezegd: "Mijn dochter is zwanger, maar ik krijg geen kleinkind.". Hij heeft het daar best moeilijk mee gehad. Daarnaast maakten mijn ouders zich natuurlijk zorgen om het welbevinden van hun "kleine meid". Gesprekken tussen K. en mijn vader hebben mijn vader destijds gerustgesteld, hij is gewoon óók een soort opa. Zijn rol is er en mag er zijn. Dat hielp, maar het bleef natuurlijk heftig voor ze. Hoe zou ik me houden na de bevalling? Zou de bevalling goed verlopen? Mijn vader, die de speech van J. aan het filmen was, barstte in snikken uit toen J. hun gevoelens benoemde en dus erkende. Tot dat moment had ik het re-de-lijk droog kunnen houden, maar dit was too much. Ik ben mijn vader maar even gaan knuffelen. Toen ik om me heen keek, zag ik in alle hoeken van de zaal de zakdoekjes tevoorschijn komen. Die sniffende, grote brombeer raakte iedereen. Wat mij vooral raakte is dat ik kon zien dat mijn vader en moeder, ondanks de emotionele achtbaan die het ook voor hen geweest moet zijn, apetrots zijn op hun dochter én op hun afbaktochweleenbeetjekleinkindneefje. Leuk detail: mijn snikkende vader bleef gewoon doorfilmen. The show must go on.
Ook ik ontkwam er niet aan. J. richtte het woord tot mij. Ik kan hier niet reproduceren wat hij zei en dat hoeft ook niet. Het waren woorden van liefde en dankbaarheid. Warme woorden. En hij vertelde over hun reis door Afrika. Hoe ze in Afrika een beeld vonden van een vrouw die een baby lijkt weg te geven. Toen ze dit beeld vonden, was ik nog niet zwanger, ze durfden het niet te kopen. Wel hebben ze er destijds een foto van genomen. Nu is het beeld alsnog gekocht en wéken geleden verstuurd vanuit Afrika. Helaas was het nog niet aangekomen. De vorige keer dat er iets vanuit Afrika naar mijn schoonfamilie werd verzonden duurde het zes maanden, geduld is een schone zaak in deze. De aanblik van de foto van het beeld, die ik als alternatief in een mooie lijst kreeg, was al genoeg om weer voor vochtige ogen te zorgen. Dat was ik. Met kleine S. in mijn armen, klaar om hem aan zijn ouders terug te geven. Klaar om zijn ouders hun zoon te geven.
Het was een mooi feestje.
Abonneren op:
Posts (Atom)